Je ken het gevoel maar al te goed. Je zit op de bank, kop thee (of wijn, geen oordeel), kijkt rond in je appartement en denkt : “Het is oké… maar het mist iets.” Geen idee wat precies. Meer warmte ? Meer lef ? Minder rommel, misschien. En dan pak je een boek. Niet om te lezen-lezen, maar om te bladeren. Beelden, ideeën, kleine zinnen die blijven hangen. Dat soort boeken dus. Inspirerende woonboeken zijn vaak het begin van een kleine (of grote) metamorfose, zonder meteen met een boormachine in de weer te gaan.
In die fase – twijfelend, dromend, Pinterest-moe – ben ik zelf vaak gaan zoeken naar inspiratie, niet alleen voor decoratie maar ook voor het gevoel van “hier wil ik wonen”. Soms gaat dat zelfs samen met nadenken over een volgende stap, een ander appartement, een andere indeling. Grappig genoeg kwam ik toen ook terecht bij sites zoals https://www.achat-immobilier-appartement.fr, gewoon om te kijken wat er mogelijk is. Niet omdat ik meteen wilde verhuizen, maar omdat dromen soms ruimte nodig hebben, toch ?
Waarom woonboeken zoveel meer zijn dan mooie plaatjes
Eerlijk ? Ik heb boeken gehad die na tien minuten weer dichtgingen. Te strak. Te perfect. Alles wit, alles design, nergens een sok op de vloer. Leuk om te zien, maar daar woon ik niet. De betere woonboeken doen iets anders. Ze laten zien hoe mensen echt leven. Een klein appartement in Parijs met scheve muren. Een studio in Berlijn waar de keuken tegelijk bureau is. Dat soort details maken het menselijk.
Wat mij vaak raakt, zijn de kleine verhalen tussendoor. Waarom iemand die ene oude stoel nooit wegdoet. Hoe een leeshoekje ontstaat omdat het licht daar om vier uur ’s middags precies goed valt. Dat is inspiratie die blijft hangen.
Mijn selectie : boeken die je appartement laten ademen
“The Kinfolk Home” – Nathan Williams
Ja, Kinfolk. Ik weet het. Het is een beetje een cliché geworden. Maar eerlijk is eerlijk : dit boek werkt. Niet omdat alles perfect is, maar omdat het draait om rust, eenvoud en keuzes maken. Minder spullen, meer betekenis. Ik blader hier vaak doorheen op zondagmiddag. Het kalmeert. Echt.
“Domus” – Ilse Crawford
Dit is zo’n boek dat je niet snel in één ruk uitleest. Het vraagt aandacht. Crawford schrijft over wonen als iets menselijks, bijna emotioneels. Over hoe een ruimte je kan dragen. Soms zwaar, soms prachtig. Niet voor iedereen, maar als je gevoelig bent voor sfeer : aanrader.
“Small Space Living” – verschillende edities
Voor wie niet in een loft van 200 m² woont (dus, de meesten van ons). Praktisch, slim, soms verrassend. Oplossingen waar je zelf nooit op komt. Ik heb hier serieus ideeën uitgehaald die ik dezelfde week nog heb toegepast. Een plank verplaatst. Een hoek herontdekt.
Boeken die je aanzetten om écht iets te doen
Sommige boeken zijn fijn om te dromen. Andere geven je bijna zin om meteen de meubels te verschuiven. Die tweede categorie vind ik misschien nog wel het leukste. Boeken waarin staat : probeer dit, kijk wat het met je doet. Geen regels, geen dogma’s.
Ik herinner me een boek (ik weet niet eens meer welke) waarin stond : “Zet één object in je huis waar je elke dag blij van wordt.” Dat was het. Zo simpel. Ik ben diezelfde dag naar een kleine boekwinkel gegaan en kocht een poster. Hangt er nog steeds.
Voor wie zijn deze boeken bedoeld ?
Goede vraag. Voor mensen die net zijn verhuisd, sowieso. Maar ook voor wie al tien jaar in hetzelfde appartement woont en denkt dat alles wel vastligt. Spoiler : dat is niet zo. Je huis mag mee veranderen met jou. Met je ritme, je smaak, je leven.
Dus, zit je vast ? Twijfel je over kleuren, indeling, sfeer ? Of wil je gewoon weer even verliefd worden op je eigen plek ? Pak zo’n boek. Ga op de vloer zitten, blader, laat je verrassen. Misschien verandert er niets. Misschien alles. En eerlijk, beide zijn oké.
